Ronde Tafelgesprek 4 september 2014

'Betrek ook ouders bij laaggeletterdheid'

Kinderen die met een taalachterstand aan de basisschool beginnen hebben moeite het niveau te volgen. Uit de praktijk blijkt dat bij deze kinderen vaak ook (één van) de ouders laaggeletterd is. Daarom wil de VVD ook ouders stimuleren om de taalachterstand in te halen.

Niet toevallig heeft raadslid Hilde van Garderen (VVD) komende week een Ronde Tafelbijeenkomst georganiseerd over dit onderwerp: van 8 tot en met 14 september is het namelijk de nationale week van de alfabetisering. Van Garderen: “De gemeente zet terecht zwaar in op extra taalonderwijs van kinderen. Zodra bij peuters geconstateerd wordt dat er een taalachterstand is krijgen zij twee extra dagdelen ‘peuterarrangement’ met spelenderwijs  taalonderwijs. Die komen bovenop de twee ‘standaard’ dagdelen.”

Nu blijkt dat kinderen met een taalachterstand vaak uit een gezin komen waar één of beide ouders laaggeletterd zijn. “Je kunt je voorstellen dat die twee extra dagdelen taalonderwijs van hun kind dan bijna zinloos is”, betoogt Van Garderen. “Thuis wordt immers niet of nauwelijks voorgelezen of gepraat. Ook de woordenschat is vaak beperkt. Het is dus belangrijk dat ook de ouders hun taalniveau verhogen. “

Juist omdat de gemeente veel investeert in taalonderwijs wil Van Garderen ouders stimuleren een cursus Lezen & Schrijven te volgen. “Dat ligt vaak gevoelig, want er is veel schaamte. Maar als we ouders uitleggen dat ze daarmee ook hun eigen kind enorm helpen is de bereidheid waarschijnlijk groter. Zeker als dat zonder kosten kan. Daarvoor moet een aanvulling komen op de bestaande procedures bij Voor en Vroegschoolse Educatie.”

Om de raadsleden te informeren over deze optie wil de VVD dit onderwerp donderdag als Ronde Tafelgesprek bespreken op de Politieke Markt. Er komt een vertegenwoordiger van de stichting Lezen & Schrijven. Ook wordt uitgelegd om welke doelgroep het gaat. “Want het is een misverstand om te denken dat het om allochtonen gaat’, aldus Van Garderen. “Vaak gaat het namelijk om autochtonen die na hun basiseducatie weinig meer met taal hebben gedaan of waarbij vroeger niet adequaat is omgesprongen met bijvoorbeeld dyslexie. Juist deze mensen zijn gebaat bij een goede begeleiding. Het mes snijdt dan aan meerdere kanten: zowel bij het kind als bij de ouders.”